2. Toelichting baten en lasten

2.1 Gronden waarop de ramingen zijn gebaseerd

De basis voor de begroting en het meerjarenperspectief is het financieel perspectief tot en met de Voorjaarsnota 2015. De Begroting 2016 en de meerjarenraming 2016-2019 zijn opgebouwd op basis van de vastgestelde meerjarenraming 2015-2018, de Voorjaarsnota 2015, het Hoofdlijnenakkoord 2015-2019 en de Meicirculaire 2015. Voor de ontwikkeling van de financiële ruimte wordt verwezen naar het overzicht in het Budgettair kader aan het begin van dit boekwerk. Bij het opstellen van de begroting is verder onder andere rekening gehouden met de onderstaande uitgangspunten.

 

2.2 Indexering

Conform het Hoofdlijnenakkoord 2015-2019 volgen alle budgetten de nullijn en worden niet voor inflatie gecorrigeerd. Prijsontwikkelingen worden binnen de desbetreffende doelen en programma's opgevangen. Als de inflatie (substantieel) hoger wordt dan tot op heden voorzien, moet dit worden opgevangen binnen de ontwikkeling van het accres van het Provinciefonds. In alle andere gevallen wordt tot een integrale afweging binnen het financieel kader overgegaan. In deze begroting is geen sprake van een (substantieel) hogere inflatie.

 

2.3 Rente

De rentelasten vloeien voort uit de meerjarige ontwikkeling van de financieringsbehoefte en de (teruglopende) eigen financieringsmiddelen. Voor 2016 is bij de berekening van het te hanteren rentepercentage op investeringen rekening gehouden met de volgende vier rentepercentages:

- Rentepercentage voor lang geld (10 jaar fixed) 1,45%

- Prognose marktrente (10 jaar fixed) 2,72%

- Feitelijke rentedruk 4,49%

De omrekening van deze percentages leidt tot een berekende rente van 2,67% (vergelijk Begroting 2015 2,94%).

 

2.4 Loonkosten (zie ook 2.5 Kostenverdeling)

De personele formatie van de provincie Zuid-Holland is afgestemd op het takenpakket van de provincie, zoals dat is vastgesteld door het bestuur (Provinciale en Gedeputeerde Staten). Deze formatie is de basis van het loonkostenbudget. De loonkosten worden op basis van vaste normen in de begroting opgenomen. Voor iedere functieschaal is een normbedrag vastgesteld gebaseerd op 98% van het maximum van de functieschaal. Vervolgens wordt, rekening houdend met een vacatureruimte van minimaal 2%, het loonbudget bepaald op basis van 98% van de formatie x het normbedrag. Jaarlijks worden de bedragen bijgesteld met de gevolgen van CAO-stijgingen en het werkgeversaandeel van de premies.

Daarnaast hebben Provinciale Staten budget beschikbaar gesteld voor het geraamde tekort op de loonkosten als gevolg van de uitlooptoelagen en minplaatsingen (zie ook Kadernota 2013-2016). In 2016 gaat het om een bedrag van € 3,6 mln. Op termijn loopt dit bedrag verder terug tot € 3 mln in 2019. Na 2028 dalen de effecten onder de € 1 mln en na 2035 onder de € 0,1 mln. Bij deze cijfers is rekening gehouden met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.

 

2.5 Kostenverdeling

Conform de beleidsnota Kostprijsberekening en renteberekening (Provinciale Staten besluit 6172 d.d. 28 april 2010) worden de apparaatslasten, op basis van de geraamde capaciteitsinzet op taken, toegerekend aan de programma's. Apparaatslasten bestaan uit directe en indirecte lonen en materiële overhead.

De apparaatslasten zijn op basis van geraamde capaciteitsinzet als volgt aan de programma's toegerekend:

Kosten

(bedragen x € 1.000)

Begroting 2015 (stand NJN)

Begroting 2016

Raming 2017

Raming 2018

Raming 2019

Totaal te verdelen

144.426

148.217

143.098

144.184

142.092

Verdeling naar programma

 

 

 

 

 

1 Groen, Waterrijk en Schoon

22.760

32.384

31.626

31.327

31.197

2 Bereikbaar en Verbonden

55.572

53.223

51.283

50.590

49.899

3 Aantrekkelijk en Concurrerend

26.832

27.124

26.193

25.851

25.693

4 Bestuur en Samenleving

29.860

19.141

18.622

18.344

18.002

5 Middelen

9.401

16.346

15.373

18.072

17.301

Totale verdeling

144.426

148.217

143.098

144.184

142.092

De afwijking tussen 2016 en 2015 van in totaal € 3,8 mln wordt voor het grootste gedeelte verklaard door de decentralisatie Jeugdzorg met ingang van 1 januari 2015 die is vertaald vanaf de Begroting 2016.

 

2.6 Uitkering Provinciefonds (Programma 5 Middelen, baten)

De meerjarenraming voor de uitkering uit het Provinciefonds is gebaseerd op de Meicirculaire 2015. Hierin zijn zowel de meerjarige ontwikkelingen aangegeven ten aanzien van de algemene uitkering als van decentralisatie-uitkeringen. Bij het ramen van de inkomsten uit het Provinciefonds hanteert de provincie een reguliere behoedzaamheid van € 2 mln voor het opvangen van kleine afwijkingen in de algemene uitkering door ontwikkelingen in het accres, verdeelmaatstaven en taakmutaties.

 

2.7 opcenten Motorrijtuigenbelasting (Programma 5 Middelen, baten)

Bij het ramen van de inkomsten uit de opcenten op de Motorrijtuigenbelasting wordt rekening gehouden met ontwikkelingen in het wagenpark. Hierbij gaat het zowel om volume (aantallen auto's) als gewicht. Deze variabelen zijn van invloed op de inkomsten. Bij de raming wordt rekening gehouden met een behoedzaamheidsmarge van 1% om beperkte afwijkingen in volume, gewicht en dergelijke op te kunnen vangen.

In het Hoofdlijnenakkoord 2015-2019 is ten aanzien van de opcenten opgenomen vanaf 2016 het tarief met 3 % (€ 10 mln) te verlagen en dat verder de nullijn wordt gehanteerd.

Voor 2016 is rekening gehouden met een ontwikkeling van het wagenpark met 0,67%. Dit is in overeenstemming met de groei van het wagenpark in 2015 (per juli). Op grond van de ontwikkeling van de economie en de verwachtingen van brancheorganisaties is voor 2016 uitgegaan van dit percentage. Voor de jaren 2017 – 2019 is een groeipercentage gebruikt van 0,5%. Dit is conform het uitgangspunt in de (meerjaren-)begroting 2015.

 

2.8 Kapitaallasten en bespaarde rente (diverse programma's)

De kapitaallasten bestaan uit rente en afschrijvingslasten. Bij dit onderdeel wordt nader ingegaan op::

  1. Afschrijvingen

  2. Toegerekende rente

  3. Bespaarde rente

De ontwikkeling van de cijfers in de meerjarenraming zijn per programma in onderstaande tabellen weergegeven.

 

Ad A. Afschrijvingen

Provinciale Staten hebben op 1 december 2013 de herziene nota Investeringen, waarderingen en afschrijvingen (nota IWA 2014) vastgesteld, die met ingang van de Begroting 2015 is toegepast. Er wordt op de investeringen afgeschreven vanaf het jaar na afronding van de voorbereidings- of uitvoeringsfase van een project.

 
Ontwikkeling afschrijvingslasten 2016-2019, Begroting 2015, Begroting 2016

(bedragen x €1.000)

Begroting
2016

Raming
2017

Raming
2018

Raming
2019

Afschrijvingslasten Begroting 2015 (stand VJN)
Programma

1 Groen, Waterrijk en Schoon

322

364

302

394

2 Bereikbaar en Verbonden

42.333

46.163

51.442

54.364

3 Aantrekkelijk en Concurrerend

120

237

237

237

5 Middelen

17

17

16

10

6 Bedrijfsvoering

8.034

8.847

10.604

10.777

Totaal Begroting 2015

50.826

55.629

62.600

65.782

Afschrijvingslasten Begroting 2016 (totaal)
Programma

1 Groen, Waterrijk en Schoon

322

364

302

394

2 Bereikbaar en Verbonden

43.644

47.388

53.968

60.677

3 Aantrekkelijk en Concurrerend

120

230

230

230

5 Middelen

17

17

16

10

6 Bedrijfsvoering

8.971

9.740

11.498

10.814

Totaal Begroting 2016

53.074

57.739

66.013

72.126

Verschil Begroting 2015 - 2016

-2.248

-2.110

-3.413

-6.344

 

Ad B. Toegerekende rente

Toegerekende rente is de rente die de provincie 'mis loopt' omdat middelen zijn ingezet voor het realiseren van activa (bijvoorbeeld infrastructuur). Deze rentelasten worden toegerekend aan de gerealiseerde activa en aan het onderhanden werk. De wijze waarop de toegerekende rente wordt berekend is geregeld in de beleidsnota Kostprijs- en renteberekening.

De hoogte van de toegerekende rente wordt hoofdzakelijk beïnvloed door de geprognosticeerde jaarlijkse stand van de activa, het onderhanden werk en het rentepercentage. In 2015 was het berekende rentepercentage 2,94%, voor 2016 is het berekende rentepercentage 2,67%. De verlaging van de rente en de lagere geprognosticeerde stand van de activa zorgt voor een afname van de toegerekende rente met € 5,4 mln.

 
Ontwikkeling rentelasten (toegerekende rente) 2016-2019, Begroting 2015, Begroting 2016

(bedragen x €1.000)

Begroting 2016Raming 2017Raming 2018Raming 2019

Toegerekende rente Begroting 2015 (stand VJN)

Programma

1 Groen, Waterrijk en Schoon

183

196

209

198

2 Bereikbaar en Verbonden

27.339

32.010

37.924

43.336

3 Aantrekkelijk en Concurrerend

155

225

218

211

4 Bestuur en Samenleving

0

0

0

0

5 Middelen

666

665

665

664

6 Bedrijfsvoering

5.162

5.276

5.396

5.336

Totaal Begroting 2015

33.505

38.373

44.411

49.746

Toegerekende rente Begroting 2016

Programma

1 Groen, Waterrijk en Schoon

163

188

186

170

2 Bereikbaar en Verbonden

22.279

25.851

32.883

35.372

3 Aantrekkelijk en Concurrerend

140

199

193

187

4 Bestuur en Samenleving

0

0

0

0

5 Middelen

594

594

593

593

6 Bedrijfsvoering

4.911

4.988

4.961

4.843

Totaal Begroting 2016

28.088

31.820

38.816

41.164

Verschil Begroting 2015 - 2016

5.417

6.553

5.595

8.582

 

Ad C. Bespaarde rente

Bespaarde rente is een baat die wordt verantwoord in programma 5, Middelen. De bespaarde rente is het verschil tussen de geraamde rentelasten van opgenomen geldleningen en de toegerekende rente aan de activa en onderhanden werk. De bespaarde rente neemt af met € 3,2 mln van € 10 mln naar € 6,8 mln.

Het moment waarop de provincie Zuid-Holland nieuwe leningen nodig heeft schuift steeds verder naar achteren, in de huidige begroting wordt uitgegaan van een financieringsbehoefte van € 18 mln eind 2016. Hierdoor dalen de verwachte rentelasten ten opzichte van de raming voor het Hoofdlijnenakkoord.

Voor de raming van de rentelasten is uitgegaan van een marktrente van 2,72% op toekomstig aan te trekken leningen. Dit komt overeen met het verwachte percentage zoals gebruikt in de Begroting 2015 en het financieel kader in het Hoofdlijnenakkoord. De huidige marktrente voor langlopende leningen (circa 1,8%) ligt een stuk lager. De verwachting is dat de lange rente in 2016 zal stijgen door de aantrekkende economie, stijgende inflatie en het aflopen van het opkoopprogramma van de ECB. Daarom wordt vanuit behoedzaamheidsoverwegingen het 'oude' percentage in de Begroting 2016 gehanteerd. Dit is vanuit historisch oogpunt nog steeds een laag percentage.

 
Ontwikkeling bespaarde rente 2016-2019, Begroting 2015, Begroting 2016

(bedragen x €1.000)

Begroting
2016
Raming
2017

Raming
2018

Raming
2019

Bespaarde rente Begroting 2015 (stand VJN)

Programma

5 Middelen

Toegerekende rente

33.505

38.373

44.411

49.476

5 Middelen

Betaalde rente op leningen

-23.489

-27.423

-32.351

-36.665

Totaal begroting 2015

  10.016 10.950

12.060

13.081

Bespaarde rente Begroting 2016

Programma

5 Middelen

Toegerekende rente

28.088

31.820

38.816

41.164

5 Middelen

Betaalde rente op leningen

-21.343

-24.549

-29.428

-33.026

Totaal begroting 2016

  6.745 7.271

9.388

8.138

Verschil 2015 - 2016

  3.271 3.679

2.672

4.943

 

2.9 Investeren, waarderen en afschrijven

Investeringen en afschrijvingen voor 2016 en verder zijn opgenomen conform de beleidsuitgangspunten zoals opgenomen in de op 11 december 2013 door Provinciale Staten vastgestelde herziene beleidsnota Investeringen, waarderingen en afschrijvingen (nota IWA 2014). Zie ook bovenstaande toelichting op de kapitaallasten.

Zie paragraaf 5.7 voor een nadere toelichting op de investeringskredieten.

 

2.10 Verklaring verschillen Begroting 2015 na Voorjaarsnota - Begroting 2016

(bedragen x €1.000)

Begroting na wijziging 2015

Begroting 2016

Verschil

 

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Programma 1

DOEL 1-1

4.943

300

-4.643

4.829

492

-4.336

115

192

307

DOEL 1-2

14.707

1.443

-13.265

5.029

2.370

-2.659

9.678

928

10.605

DOEL 1-3

61.140

12.614

-48.526

48.556

11.445

-37.110

12.585

-1.169

11.416

DOEL 1-4

83.104

47.668

-35.437

95.131

40.578

-54.553

-12.027

-7.089

-19.116

DOEL 1-5

10.469

704

-9.765

8.984

1.379

-7.605

1.485

675

2.160

DOEL 1-6

70.007

6.165

-63.843

70.293

2.411

-67.882

-286

-3.754

-4.040

Subtotaal

244.372

68.894

- 175.479

232.822

58.676

- 174.146

11.550

-10.218

1.333

Programma 2

DOEL 2-1

225.678

37.005

-188.674

221.196

13.050

-208.147

4.482

-23.955

-19.473

DOEL 2-2

94.359

88.608

-5.752

95.773

812

-94.961

-1.413

-87.796

-89.209

Subtotaal

320.037

125.612

-194.425

316.969

13.862

-303.107

3.068

- 111.750

- 108.682

Programma 3

DOEL 3-1

14.202

0

-14.202

22.791

1.250

-21.541

-8.589

1.250

-7.339

DOEL 3-2

2.333

115

-2.218

2.698

115

-2.583

-365

0

-365

DOEL 3-3

25.381

1.634

-23.747

19.828

0

-19.828

5.553

-1.634

3.919

DOEL 3-4

2.637

0

-2.637

5.127

0

-5.127

-2.489

0

-2.489

DOEL 3-5

18.555

0

-18.555

16.750

0

-16.750

1.805

0

1.805

DOEL 3-6

14.650

7

-14.644

15.173

504

-14.669

-523

498

-25

DOEL 3-7

19.504

3.746

-15.758

17.494

1.950

-15.544

2.010

-1.796

214

Subtotaal

97.262

5.501

-91.760

99.861

3.819

-96.042

-2.599

-1.682

-4.281

Programma 4

DOEL 4-1

23.275

756

-22.519

25.880

756

-25.123

-2.604

0

-2.604

DOEL 4-2

7.915

57

-7.859

8.475

57

-8.419

-560

0

-560

DOEL 4-3

11.677

0

-11.677

10.288

0

-10.288

1.389

0

1.389

DOEL 4-4

9.427

0

-9.427

464

0

-464

8.963

0

8.963

Subtotaal

52.294

813

-51.481

45.106

813

-44.294

7.188

0

7.188

Programma 5

DOEL 5-1

37.197

520.473

483.277

35.809

602.199

566.391

1.388

81.726

83.114

Subtotaal

37.197

520.473

483.277

35.809

602.199

566.391

1.388

81.726

83.114

Resultaat voor bestemming

751.162

721.293

-29.869

730.567

679.369

-51.198

20.595

-41.924

-21.329

Conform het BBV is er een toelichting gemaakt op de aanmerkelijke verschillen tussen de geraamde bedragen van het begrotingsjaar 2016 en de geraamde bedragen van het vorig begrotingsjaar na wijziging (Begroting 2015 na Voorjaarsnota 2015). Voor de onderstaande tabellen geldt dat een bedrag met + een voordeel is en met een - teken een nadeel is.

Hieronder worden de aanmerkelijke verschillen per programma toegelicht.

 

Programma 1 Groen, Waterrijk en Schoon

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 1-1

Duurzaam beschermd tegen overstromingen en wateroverlast

     

Waterveiligheidsbeleid, subsidie Klimaatdijk Streefkerk

150

0

150

EU-project FRAMES

-192

192

0

Beëindiging Programma Zwakke Schakels Kust

373

0

373

Apparaatslasten

-216

0

-216

Doel 1-2

Goede kwaliteit en kwantiteit grond- en oppervlaktewater

 

 

 

Subsidies PlattelandsOntwikkelingsProgramma (POP3) Water

-1.000

1.000

0

Afloop Watersynergiedprojecten

642

0

642

Bijdrage PZH maatregelen getij Grevelingen / Volkerak

10.000

0

10.000

Afloop EU-project Raingain

145

-73

73

Apparaatslasten

-109

0

-109

Doel 1-3

Groenblauwe structuur versterkt samenhang stad-land en recreatieve gebruiks- en belevingswaarde landschap

     

Uitvoeringsprogramma Groen (UPG)

5.662

800

6.462

RodS projecten inclusief Balij / Bieslandse Bos en Bentwoud

4.954

-1.931

3.023

Frictiekosten Toekomstig Beheer Recreatiegebieden

72

0

72

Groenblauwe Slinger (GBS)

223

0

223

Groenservice Zuid-Holland

33

0

33

Apparaatslasten

1.193

0

1.193

Diverse aanpassingen van geringe omvang

448

-38

410

Doel 1-4

Biodiversiteit op orde

 

 

 

Natura2000 en beheermaatregelen PAS

145

242

387

Programma Integrale Ontwikkeling Delft-Schiedam (IODS)

-6.100

-1.750

-7.850

Project Mainport Rotterdam (PMR)

8.723

-8.726

-3

Subsidieregeling Natuur en Landschapsbeheer (SNL) incusiefl POP3

-1.270

900

-370

UPG Projecten waaronder Gouwe Wiericke, Krimpenerwaard en Deltanatuur

-8.722

-1.348

-10.070

Grondtransacties en exploitatie-inkomsten verkoop Natuurgrond

-3.393

3.393

0

Apparaatslasten

-968

0

-968

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-442

200

-242

Doel 1-5

Sterke positie voor duurzame economisch rendabele grondgebonden landbouw

 

 

 

Nota Ruimte middelen voor projecten Greenports en Veenweidegebieden

4.630

0

4.630

Uitvoerigsprogramma Groen (UPG) inclusief POP3

-1.040

440

-600

EU-programma Leader+

-335

135

-200

Apparaatslasten

-1.442

0

-1.442

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-327

100

-227

Doel 1-6

Beter leefmilieu met minder hinder

 

 

 

Impuls omgevingsveiligheid.

75

-481

-406

BRZO-inrichtingen (Besluit Risico Zware Ongevallen 1999) en RIE-4-installaties (Richtlijn Industriële Emissies-categorie 4)

-2.737

0

-2.737

SCR-katalysatoren Binnenvaart / Clinsh / ontgassende schepen. De subsidieregeling SCR-katalysatoren loopt in 2015 af.

3.750

-1.856

1.894

Luchtkwaliteit NSL

-1.109

-149

-1.258

Stelpost RUD

556

0

556

Uitvoering Wabo

0

-893

-893

Leren voor duurzame ontwikkeling

300

-300

0

Apparaatslasten

-1.211

0

-1.211

Diverse aanpassingen van geringe omvang

89

-75

14

Saldo

11.550

-10.218

1.333

 

Programma 2 Bereikbaar en Verbonden

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 2-1

Kwaliteit bestaande provinciale infrastructuur op orde

     

Bijstelling budgetten beheer areaal Kaderbesluit infra 2014 / Kadernota 2015-2018

2.600

-8.036

-5.436

Verkoop steunpunt Gnephoek

0

-1.200

-1.200

Werkzaamheden onderhoud infra voor derden

-3.358

3.358

0

Uitvoering MPI

-1.874

-18.077

-19.951

BDU regionale en provinciale infrastructuur

7.327

0

7.327

Diverse aanpassingen van geringe omvang

575

0

575

Apparaatslasten

495

0

495

Kapitaallasten

-1.283

0

-1.283

Doel 2-2

Vraag en aanbod openbaar vervoer in balans

 

 

 

Exploitatie OV

9.403

0

9.403

Versneld afschrijven HOV. In 2016 wordt voor de corridor Gouda-Alphen het VO+ vastgesteld. Op basis daarvan kan worden bepaald welke reeds geactiveerde delen van de RijnGouweLijn buiten de scope van het HOV-Net vallen en daardoor direct ten laste van de exploitatie moeten worden genomen.

-10.900

0

-10.900

OV-beleid

894

-1.350

-456

BDU bijdragen in provinciale infra. Een deel van de provinciale infra wordt gedekt uit de rijksbijdrage BDU. Omdat de rijksbijdrage is gewijzigd van een doeluitkering naar een decentralisatie-uitkering, wordt de ontvangen bijdrage in de reserve BDU gestort en wordt de bijdrage aan de provinciale infra gedekt door een bijdrage uit de reserve. Hierdoor maken de baten 2016 onderdeel uit van het resultaat na bestemming.

0

-86.057

-86.057

Diverse aanpassingen van geringe omvang

215

-388

-173

Apparaatslasten

-948

0

-948

Kapitaallasten

-78

0

-78

Saldo

3.068

-111.750

-108.682

 

Programma 3 Aantrekkelijk en Concurrerend

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 3-1

Een groeiende, duurzame en innovatieve economie

     

Initiatieven 2015 en Hoofdlijnenakkoord 15-19: regionale samenwerkingsverbanden, MKB

-1.500

0

-1.500

Extra middelen overcommittering

-4.495

0

-4.495

Activiteiten Ridderstee (uit OVP Voordelta)

-1.250

1.250

0

Doorgeschoven prestatie Impulsprogramma

-250

0

-250

IRP Goeree Overflakkee

354

0

354

Subsidies clusterregeling economie (loopt af)

600

0

600

Apparaatslasten

-2.203

0

-2.203

Diverse aanpassingen van geringe omvang

152

0

152

Doel 3-2

Schone en toekomstbestendige energie

 

 

 

Hoofdlijnenakkoord: regierol provinciale energieagenda

-1.300

0

-1.300

Subsidies Mitigatie / energie (loopt af)

617

0

617

Subsidies Greendeal Zonnepanelen

250

0

250

Apparaatslasten

0

0

0

Diverse aanpassingen van gringe omvang

68

0

68

Doel 3-3

Beter benut bestaand bebouwd gebied

 

 

 

Opstellen Provinciale ruimtelijke structuurvisie

250

0

250

Aanpassen Deltapoort

721

-638

83

Bijdrage Grondbank

162

0

162

Kasritme Duurzame ontwikkeling Zuidplaspolder

-327

0

-327

Deelname in programma's

286

0

286

Implementatie omgevingswet

-180

0

-180

RO advisering

131

0

131

Opruimen verspreid glas

-122

0

-122

Kasritme ISV-2

995

-995

0

Uitvoeren integrale ruimtelijke verkenningen en programma's

-239

0

-239

Doorwerken DRM doel Beter benutten bestaand (bebouwd) gebied

-190

0

-190

Voorbereiden omgevingsvisie

-201

0

-201

Apparaatslasten

4.211

0

4.211

Diverse aanpassingen van geringe omvang

55

0

55

Doel 3-4

Goede ruimtelijke kwaliteit

 

 

 

Doorwerken VRM doel Goede ruimtelijke kwaliteit

-100

0

-100

Apparaatslasten

-2.330

0

-2.330

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-59

0

-59

Doel 3-5

Vraag en aanbod wonen, werken en voorzieningen in balans

 

 

 

Doorwerken VRM doel Vraag en aanbod wonen, werken en voorzieningen in balans

-100

0

-100

Bedrijventerreinen

-2.054

0

-2.054

Apparaatslasten

4.422

0

4.422

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-463

0

-463

Doel 3-6

Beschermd, bekend en beleefbaar cultureel erfgoed

 

 

 

Hoofdlijnenakkoord: intensivering cultureel erfgoed

-1.500

0

-1.500

Hoofdlijnenakkoord: opdrachten erfgoed en ruimte

0

498

498

Rijksmonumenten en erfgoed, minder activiteiten voorzien

947

0

947

Apparaatslasten

0

0

0

Diverse aanpassingen van geringe omvang

30

0

30

Doel 3-7

Schone bodem en beter benutte bodem en ondergrond

 

 

 

Aantal spoedlocaties gesaneerd

1.381

-1.781

-400

Stichting Bodembeheer Krimpenerwaard

503

0

503

Beleids- en onderzoeksagenda en uitvoeringsprogramma bodem

300

0

300

Uitvoering nazorg RUD's

-800

0

-800

Apparaatslasten

628

0

628

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-2

-15

-17

Saldo

-2.599

-1.682

-4.281

 

Programma 4 Bestuur en Samenleving

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 4-1

Slagvaardig, toekomstbestendig en transparant bestuur

     

Relatie provincie en regio's

200

0

200

Hoofdlijnenakkoord: Transparante overheid

-1.300

0

-1.300

Uitvoeren algemene bestuurstaken

400

0

400

Apparaatslasten

-2.000

0

-2.000

Diverse aanpassingen van geringe omvang

96

0

96

Doel 4-2

Totaal Cultuurparticipatie en bibliotheken

 

 

 

Apparaatslasten

-560

0

-560

Diverse aanpassingen van geringe omvang

 

 

 

Doel 4-3

Borgen van kennissociaal domein

 

 

 

Afbouw Maatschappelijke participatie (Hoofdlijnenakkoord 2015-2019)

2.300

0

2.300

Borging kennis sociaal domein (Hoofdlijnenakkoord 2015-2019)

-1.700

0

-1.700

Apparaatslasten

+789

0

+789

Diverse aanpassingen van geringe omvang

 

 

 

Doel 4-4

Afbouw taken jeugdzorg

 

 

 

 

Afbouw Jeugdzorg (Hoofdlijnenakkoord 2015-2019)

8.963

0

8.963

Saldo

7.188

0

7.188

 

Programma 5 Middelen

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 5-1

Financieel gezonde huishouding

     

Ontwikkeling Provinciefonds

0

89.594

89.594

Bespaarde rente

1.250

-1.218

32

Dividend deelnemingen

0

350

350

Kapitaallasten deelnemingen

-590

0

-590

Effect te verdelen indirecte kosten

1.582

0

1.582

Werkelijk onvoorzien

-250

0

-250

Vrijval subsidie en materiële lasten

-500

0

-500

Kapitaallasten overig

662

0

662

Apparaatslasten

-766

0

-766

opcenten Motorrijtuigenbelasting

0

-7.000

-7.000

Saldo

1.388

81.726

83.114

 

2.11 Verklaringen verschillen Jaarrekening 2014 - Begroting 2016

(bedragen x €1.000)

Jaarrekening 2014

Begroting 2016

Verschil

 

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Programma 1

DOEL 1-1

6.808

919

-5.888

4.829

492

-4.336

1.979

-427

1.552

DOEL 1-2

5.698

1.383

-4.316

5.029

2.370

-2.659

669

987

1.656

DOEL 1-3

66.569

11.298

-55.271

48.556

11.445

-37.110

18.013

147

18.160

DOEL 1-4

88.046

43.104

-44.942

95.131

40.578

-54.553

-7.085

-2.526

-9.611

DOEL 1-5

8.588

119

-8.469

8.984

1.379

-7.605

-396

1.260

864

DOEL 1-6

72.311

24.254

-48.056

70.293

2.411

-67.882

2.018

-21.844

-19.826

Subtotaal

248.020

81.078

- 166.942

232.822

58.676

- 174.146

15.198

-22.402

-7.204

Programma 2

DOEL 2-1

288.278

25.857

-262.421

221.196

13.050

-208.147

67.081

-12.807

54.274

DOEL 2-2

84.517

77.359

-7.158

95.773

812

-94.961

-11.256

-76.547

-87.803

Subtotaal

372.795

103.216

-269.578

316.969

13.862

-303.107

55.826

-89.355

-33.529

Programma 3

DOEL 3-1

11.319

3.197

-8.122

22.791

1.250

-21.541

-11.472

-1.947

-13.419

DOEL 3-2

2.620

8

-2.612

2.698

115

-2.583

-78

107

29

DOEL 3-3

35.365

10.796

-24.569

19.828

0

-19.828

15.537

-10.796

4.741

DOEL 3-4

1.353

0

-1.353

5.127

0

-5.127

-3.773

0

-3.773

DOEL 3-5

22.651

567

-22.084

16.750

0

-16.750

5.902

-567

5.335

DOEL 3-6

12.975

8

-12.967

15.173

504

-14.669

-2.199

497

-1.702

DOEL 3-7

10.935

2.209

-8.727

17.494

1.950

-15.544

-6.559

-259

-6.818

Subtotaal

97.219

16.784

-80.435

99.861

3.819

-96.042

-2.642

-12.965

-15.607

Programma 4

DOEL 4-1

23.946

1.397

-22.550

25.880

756

-25.123

-1.933

-640

-2.574

DOEL 4-2

8.049

49

-8.000

8.475

57

-8.419

-426

8

-418

DOEL 4-3

12.191

0

-12.191

10.288

0

-10.288

1.903

0

1.903

DOEL 4-4

133.002

121.469

-11.533

464

0

-464

132.538

-121.469

11.069

Subtotaal

177.189

122.915

-54.274

45.106

813

-44.294

132.082

-122.102

9.980

Programma 5

DOEL 5-1

9.370

556.057

546.687

35.809

602.199

566.391

-26.439

46.142

19.703

Subtotaal

9.370

556.057

546.687

35.809

602.199

566.391

-26.439

46.142

19.703

Resultaat voor bestemming

904.592

880.051

-24.542

730.567

679.369

-51.198

174.025

- 200.682

-26.656

Conform het BBV wordt er een toelichting gegeven op de aanmerkelijke verschillen tussen Begroting 2016 en de Jaarrekening 2014. Voor de onderstaande tabellen geldt dat een bedrag met + een voordeel is en met een - teken een nadeel is. Hieronder worden de aanmerkelijke verschillen per programma toegelicht.

 

Programma 1 Groen, Waterrijk en Schoon

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 1-1

Duurzaam beschermd tegen overstromingen en wateroverlast

     

Onderbesteding 2014 Waterveiligheidsbeleid

-256

0

-256

EU-project FRAMES

-250

192

-57

Beëindiging Programma Zwakke Schakels kust

1.379

0

1.379

Project Zandmotor

378

-620

-242

Apparaatslasten

1.108

0

1.108

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-380

0

-380

Doel 1-2

Goede kwaliteit en kwantiteit grond- en oppervlaktewater

 

 

 

Subsidies PlattelandsOntwikkelingsProgramma (POP3) Water

-1.000

1.000

0

Afloop Watersynergiedprojecten

638

0

638

Apparaatslasten

451

0

451

Diverse aanpassingen van geringe omvang

581

-13

568

Doel 1-3

Groenblauwe structuur versterkt samenhang stad-land en recreatieve gebruiks- en belevingswaarde landschap

     

Uitvoeringsprogramma Groen (UPG)

-5.577

800

-4.777

Frictiekosten Toekomstig Beheer Recreatiegebieden

484

0

484

Alfoop project Hof van Delfland

408

-258

150

RodS-projecten inclusief Balij / Bieslandse Bos en Bentwoud

7.536

384

7.920

Afwaardering RodS-gronden 2014

14.781

 

14.781

Groenservice Zuid-Holland

972

-865

107

Apparaatslasten

-207

0

-207

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-385

86

-299

Doel 1-4

Biod iversiteit op orde

 

 

 

Natura2000 en beheermaatregelen PAS

-2.956

415

-2.541

Programma Integrale Ontwikkeling Delft-Schiedam (IODS)

10.461

300

10.761

Project Mainport Rotterdam (PMR)

6.382

-6.348

34

Subsidieregeling Natuur- en Landschapsbeheer (SNL) inclusief POP3

-2.198

4.000

1.802

UPG Projecten waaronder Projecten Gouwe Wiericke, Krimpenerwaard, Deltanatuur

-24.313

5.576

-18.737

Afwaardering EHS gronden 2014

7.188

-7188

0

Apparaatslasten

-1070

0

-1.070

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-579

720

141

Doel 1-5

Sterke positie voor duurzame economisch rendabele grondgebonden landbouw

 

 

 

Nota Ruimte middelen voor projecten Greenports en Veenweidegebieden

6.052

0

6.052

Afloop ILG subsidies Verspreid Glas

-2.260

0

-2.260

Uitvoeringsprogramma Groen (UPG) inclusief POP3

-3.041

850

-2.191

EU-programma Leader+

-500

300

-200

Apparaatslasten

-871

0

-871

Diverse aanpassingen van geringe omvang

224

110

334

Doel 1-6

Beter leefmilieu met minder hinder

 

 

 

Impuls omgevingsveiligheid. Omdat de bijdrage van het Rijk voor de Impuls Omgevingsveiligheid voor 2016 nog niet is vastgesteld, is er nog geen uitvoeringsprogramma in de begroting geraamd.

-13.802

-1.206

-15.008

BRZO-inrichtingen (Besluit Risico Zware Ongevallen 1999) en RIE-4-installaties (Richtlijn Industriële Emissies-categorie 4)

-2.737

0

-2.737

Externe veiligheid

3.868

0

3.868

SCR-katalysatoren Binnenvaart / Clinsh / Ontgassende schepen. De subsidieregeling SCR-katalysatoren loopt in 2015 af.

1.085

-1.352

-267

Luchtkwaliteit NSL

16.318

-19.100

-2.782

Stelpost RUD

-1.527

0

-1.527

Beleidsuitvoering milieu

-458

-312

-770

Leren voor duurzame ontwikkeling

195

-195

0

Apparaatslasten

-401

0

-401

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-523

321

-202

Saldo

15.198

-22.402

-7.204

 

Programma 2 Bereikbaar en Verbonden

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 2-1

Kwaliteit bestaande provinciale infrastructuur op orde

     

Werkzaamheden onderhoud infra voor derden

-3.147

3.147

0

Bijstelling budgetten beheer areaal Kaderbesluit infra 2014 / Kadernota 2015-2018

-5.500

0

-5.500

MPI-projecten als onderdeel van uitvoering projecten MPO

-3.240

0

-3.240

BDU bijdragen in provinciale infra. Een deel van de provinciale infra wordt gedekt uit de rijksbijdrage BDU. Omdat de rijksbijdrage is gewijzigd van een doeluitkering naar een decentralisatie-uitkering, wordt de ontvangen bijdrage in de reserve BDU gestort en wordt de bijdrage aan de provinciale infra gedekt door een bijdrage uit de reserve. Hierdoor maken de baten 2016 onderdeel uit van het resultaat na bestemming.

0

-16.358

-16.358

Diverse aanpassingen van geringe omvang

469

404

873

Apparaatslasten

3.855

0

3.855

Versnelde afschrijving ten laste van reserves

75.685

0

75.685

Kapitaallasten

-1.040

0

-1.040

Doel 2-2

Vraag en aanbod openbaar vervoer in balans

 

 

 

BDU bijdragen in provinciale infra. Zie de toelichting bij Doel 2.1

0

-76.390

-76.390

Versneld afschrijven HOV. In 2016 wordt voor de corridor Gouda-Alphen het VO+ vastgesteld. Op basis daarvan kan worden bepaald welke reeds geactiveerde delen van de RijnGouweLijn buiten de scope van het HOV-Net vallen en daardoor direct ten laste van de exploitatie moeten worden genomen.

-10.900

0

-10.900

Onderhoud en vervanging veren

748

0

748

Diverse aanpassingen van geringe omvang

258

-158

100

Apparaatslasten

-1.284

0

-1.284

Kapitaallasten

-78

0

-78

Saldo

55.826

-89.355

-33.529

 

Programma 3 Aantrekkelijk en Concurrerend

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 3-1

Een groeiende, duurzame en innovatieve economie

     

Hoofdlijnenakkoord: ondersteunen regionale samenwerkingsverbanden economische clusters

-1.500

0

-1.500

Hoofdlijnenakkoord: stimuleren innovatie MKB

-3.500

0

-3.500

Extra middelen overcommittering

-2.891

0

-2.891

Uitgestelde middelen schaalsprong

-2.500

0

-2.500

Activiteiten Ridderstee, Voordelta

337

-337

0

Doorgeschoven prestatie Impulsprogramma

-250

0

-250

IRP Goeree-Overflakkee

-494

-113

-607

Pieken in de Delta, EFRO (lopen af)

794

0

794

Subsidies clusterregeling economie (loopt af)

1.380

-1.440

-60

Apparaatslasten

-1.458

0

-1.458

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-1.390

-58

-1.448

Doel 3-2

Duurzame energie

 

 

 

Hoofdlijnenakkoord: regierol provinciale energieagenda

-1.300

0

-1.300

Subsidies Mitigatie / energie (loopt af)

734

0

734

Subsidies Greendeal Zonnepanelen

183

0

183

Bureau Warmte / koude

21

115

136

Apparaatslasten

286

0

286

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-2

-8

-10

Doel 3-3

Beter benut bestaand bebouwd gebied

 

 

 

Uitvoeren VRM

-147

0

-147

Opstellen Provinciale ruimtelijke structuurvisie

129

0

129

Projectmanagement Deltapoort

534

-286

248

Gebiedsprofielen ruimtelijke kwaliteit

193

0

193

Bijdrage Grondbank

258

0

258

Kasritme Duurzame ontwikkeling Zuidplaspolder (met ingang van 2015 geen IRP meer)

-5.205

-8.963

-14.168

Oude Rijnzone (met ingang van 2015 geen IRP meer)

4.077

0

4.077

Uitvoering Wro

-158

-8

-166

Implementatie omgevingswet

-200

0

-200

Zuidvleugel Zuid (met ingang van 2015 geen IRP meer)

97

0

97

Opruimen verspreid glas

1.680

0

1.680

BLS Holland-Rijnland

-313

0

-313

Kasritme ISV-2

317

-317

0

Kasritme ISV-3

12.878

-1.203

11.675

Uitvoeren integrale ruimtelijke verkenningen en programma's

-1.299

0

-1.299

Voorbereiden omgevingsvisie

-201

0

-201

Doorwerking VRM doel Beter benut (bebouwd) gebied

-102

0

-102

Apparaatslasten

2.924

0

2.924

Diverse aanpassingen van geringe omvang

75

-19

56

Doel 3-4

Goede ruimtelijke kwaliteit

 

 

 

Uitvoeringsprogramma Groen (UPG)

-842

0

-842

Verbeteren en behouden landschappelijke kwaliteit

-368

0

-368

Provinciale adviseur ruimtelijke kwaliteit

-51

0

-51

Doorwerken VRM doel Goede ruimtelijke kwaliteit

-222

0

-222

Apparaatslasten

-2.330

0

-2.330

Diverse aanpassingen van geringe omvang

39

0

39

Doel 3-5

Vraag en aanbod wonen, werken en voorzieningen in balans

 

 

 

Regionale woonvisie

-44

-20

-64

Doorwerking VRM doel Vraag en aanbod wonen, werken en voorzieningen in balans

-100

0

-100

Bedrijventerreinen, geen subsidies meer via FEZ middelen Rijk

4.671

0

4.671

Apparaatslasten

432

0

432

Diverse aanpassingen van geringe omvang

943

-547

396

Doel 3-6

Beschermd, bekend en beleefbaar cultureel erfgoed

 

 

 

Hoofdlijnenakkoord: intensivering cultureel erfgoed

-1.500

0

-1.500

Opdrachten erfgoed en ruimte

-218

498

280

Apparaatslasten

-763

0

-763

Diverse aanpassingen van geringe omvang

282

0

282

Doel 3-7

Schone bodem en beter benutte bodem en ondergrond

 

 

 

Aantal spoedlocaties gesaneerd

-8.178

-12

-8.190

Nazorg stortplaatsen

-120

-247

-367

Stichting Bodembeheer Krimpenerwaard

-150

0

-150

Beleids- en onderzoeksagenda en uitvoeringsprogramma bodem

-214

0

-214

Herontwikkeling Gasfabrieksterreinen

2.353

0

2.353

Uitvoering nazorg RUD's

-1.247

0

-1.247

Apparaatslasten

1.015

0

1.015

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-18

0

-18

Saldo

-2.642

-12.965

-15.607

 

Programma 4 Bestuur en Samenleving

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 4-1

Slagvaardig, toekomstbestendig en transparant bestuur

     

Wegvallen Zuidvleugel / stedenbaan

167

-251

-84

Wegvallen overige baten

 

-390

-390

Hoofdlijnenakkoord: Transparante overheid

-1.300

0

-1.300

Apparaatslasten

-885

0

-885

Diverse aanpassingen van geringe omvang

85

0

85

Doel 4-2

Totaal Cultuurparticipatie en bibliotheken

 

 

 

Apparaatslasten

-338

0

-338

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-88

8

-80

Doel 4-3

Borgen van kennissociaal domein

 

 

 

Afbouw Maatschappelijke participatie (Hoofdlijnenakkoord 2015-2019)

2.938

0

2.938

Borging kennis sociaal domein (Hoofdlijnenakkoord 2015-2019)

-1.700

0

-1.700

Apparaatslasten

665

0

665

Diverse aanpassingen van geringe omvang

0

0

0

Doel 4-4

Afbouw taken jeugdzorg

 

 

 

 

Afbouw Jeugdzorg (Hoofdlijnenakkoord 2015-2019)

132.538

-121.469

11.069

 

Apparaatslasten

0

0

0

 

Diverse aanpassingen van geringe omvang

0

0

0

Saldo

132.082

-122.102

9.980

 

Programma 5 Middelen

(bedragen x € 1.000)

Doel

Toelichting

Lasten

Baten

Saldo

Doel 5-1

Financieel gezonde huishouding

     

Provinciefonds

0

29.407

29.407

Precario en leges

0

-380

-380

Rente geldleningen < 1 jaar

-14

-425

-439

Rentebaten hypothecaire geldleningen

0

21

21

Bespaarde rente

-21.343

22.875

1.532

Verkoop verspreide eigendommen

73

145

218

Verkoop voormalige dienstwoning

0

-199

-199

Dividend deelnemingen

0

-94

-94

Kapitaallasten deelnemingen

82

0

82

Effect te verdelen indirecte kosten

-3.664

0

-3.664

Werkelijk onvoorzien

-500

0

-500

Overige baten

0

-372

-372

Apparaatslasten

-742

0

-742

Voorzieningen

51

-52

-1

Niet verdeelde apparaatskosten

112

-100

12

opcenten Motorrijtuigenbelasting

0

-4.677

-4.677

 

Diverse aanpassingen van geringe omvang

-494

-7

-501

Saldo

-26.439

46.142

19.703