3. Algemene dekkingsmiddelen

Exploitatie bedragen
(bedragen x € 1.000)

Begroting 2016

Raming 2017

Raming 2018

Raming 2019

Lokale heffingen (opcenten MRB en precario)

324.050

326.050

327.050

330.050

Provinciefonds

230.847

229.131

220.564

219.759

Dividend (deelnemingen)

700

700

700

700

Overige algemene dekkingsmiddelen

-7.199

-6.700

-7.280

-7.772

Totaal Algemene dekkingsmiddelen

548.398

549.181

541.034

542.736

Hieronder staat een toelichting per algemeen dekkingsmiddel.

 

Lokale heffingen

Door verlaging van het tarief conform het Hoofdlijnenakkoord, is het geraamde budget voor de begroting 2016 lager ten opzichte van 2015. Naast het gehanteerde tarief is de opbrengst ook afhankelijk van wettelijke maatregelen (bijvoorbeeld vrijstellingen energiezuinige auto's), de ontwikkeling van het wagenpark en het betaalgedrag van de automobilist.

Van de belastingdienst wordt 2 maal per jaar (per 1 juli en per 1 december) een wagenparkoverzicht ontvangen. Het overzicht per 1 juli is de basis voor de raming in de begroting.

Voor 2016 is rekening gehouden met een ontwikkeling van het wagenpark met 0,67%. Dit is in overeenstemming met de groei van het wagenpark in 2015 (per juli). Op grond van de ontwikkeling van de economie en de verwachtingen van brancheorganisaties is voor 2016 uitgegaan van dit percentage.

Voor de jaren 2017-2019 is een groeipercentage gebruikt van 0,5%. Dit is conform het uitgangspunt in de (meerjaren-)begroting 2015.

 

Provinciefonds

Algemene uitkering

In de cijfers van het Hoofdlijnenakkoord is op basis van de Septembercirculaire 2014 uitgegaan van een structureel nadelige ontwikkeling van de algemene uitkering van - € 1 mln (veroorzaakt doordat het Rijk in 2016 een lagere onderschrijding van het plafond van het BTW-compensatiefonds verwacht). Uit de Meicirculaire 2015 blijkt dat sprake is van een structureel nadelige ontwikkeling van - € 1,4 mln. Dit is het gevolg van een lager accres in 2014 / 2015 (dat structureel doorwerkt) en diverse ontwikkelingen in de verdeelmaatstaven (zoals de wijziging van het peiljaar inzake de eigen inkomsten uit de opcenten MRB).

In de periode 2016 daalt het Provinciefonds met circa € 11 mln. Dit wordt voornamelijk verklaard voornamelijk door:

  • afname van de algemene uitkering door een in de tijd gezien oplopende korting op het Provinciefonds en de overheveling van VTH-taken naar gemeenten (- € 3,4 mln);

  • afname van de decentralisatie-uitkering natuur (- € 7,3 mln);

  • afloop van de decentralisatie-uitkering sterke regio's (- € 1 mln) toename van de decentralisatie-uitkering verkeer en vervoer (€ 0,6 mln).

Dit was overigens al verwerkt in de Begroting 2015 en is dus geen ontwikkeling. Het betreft de vergelijking tussen sec de cijfers 2016 met die van 2019.

 

Decentralisatie-uitkeringen

Op basis van de Meicirculaire 2015 vinden er de volgende bijstellingen plaats in de decentralisatie- en integratie-uitkeringen:

  • Tot en met 2020 ontvangt de provincie jaarlijks een bedrag van € 4,1 mln voor uitvoering van het convenant 'bodem en ondergrond' (op 17 maart 2015 vastgesteld door Rijk, VNG, IPO en UvW).

  • De decentralisatie-uitkeringen voor natuur en DLG zijn met ingang van 2016 samengevoegd tot één uitkering. De omvang van deze uitkering neemt toe met € 0,2 mln in zowel 2016 als 2017 en € 0,1 mln met ingang van 2018.

  • Met ingang van 2016 maken de voor provincies bestemde middelen uit de brede doeluitkering verkeer & vervoer (BDU) onderdeel uit van het Provinciefonds. De overheveling naar het Provinciefonds vloeit voort uit de wet afschaffing plusregio's. Daarbij is gemeld dat ter voorkoming van herverdeeleffecten het beschikbare budget de eerste jaren zal worden toegekend via een decentralisatie-uitkering op basis van de bestaande verdeling van de BDU-middelen en dat zal worden bezien hoe verdere integratie van deze middelen in de systematiek van het Provinciefonds tot stand kan komen.

  • In de Meicirculaire 2015 zijn de volgende baten opgenomen voor verkeer & vervoer (dit betreft zowel de decentralisatie-uitkering voor verkeer & vervoer als ook de incidentele bijdrage aan projecten die met ingang van 2016 ook via het Provinciefonds verloopt).

 
Decentralisatie-uitkering BDU zoals opgenomen in de Meicirculaire 2015 (bedragen x € 1 mln)
 

2016

2017

2018

2019

2020

Decentralisatie-uitkering verkeer & vervoer

93,1

93,1

93,7

93,6

93,5

Projecten verkeer & vervoer

1,9

1,9

1,9

1,9

1,9

Totaal

95,0

95,0

95,6

95,5

95,4

 

Overige algemene dekkingsmiddelen

Dit betreft onvoorzien, apparaatslasten en wijzigingen na het afsluiten van de kostenverdeelstaat.